Deze week las ik een boek over de geschiedenis van de Aa-landen. Die geschiedenis is extra aardig, omdat ikzelf er een deel van heb meegemaakt. Dat wil zeggen, ik heb er, met mijn vader en moeder en broers en zussen, een behoorlijk aantal jaren gewoond. Ergens tijdens mijn studietijd zijn mijn ouders verhuisd naar een ander huis in Zwolle, maar volgens mij hebben ze toch wel zo’n 10 jaar in de Aa-landen gewoond, eerst aan de Amer en later aan de Rietkreek in een tentdakwoning. En aangezien de aanleg van de Aa-landen pas midden jaren 60 is gestart, was dat nog aardig in de begintijd.

Ik heb nog wel de nodige herinneringen aan die tijd. Zo waren er sneeuwrijke winters, waarin ik mijn broertjes en zusjes op de slee voorttrok. Daar is ergens nog een foto van. Ook weet ik nog dat mijn vader het nodig vond om mijn moeder de stuipen op het lijf te jagen door op een avond één of andere aanval te krijgen. Mijn moeder belde de dokter op met de melding: “Dokter, dokter, ik geloof dat mijn man doodgaat”. Zo erg bleek het gelukkig niet te zijn. Toen mijn moeder weer bij mijn vader kwam, was die weer bijgekomen en zei rustig: “Ik geloof dat ik even weg ben geweest”. Wat er echt is gebeurd, bleef een mysterie (volgens mij). Wel werd mijn vader nog enkele keren gebruikt als voorbeeld of zo.

Ook nog wonend aan de Amer zat ik op de middelbare school in het comité, dat allerlei activiteiten ontwikkelde voor ontwikkelingshulp in Andore (als ik het wel heb; ik begin wat te twijfelen over die naam). Op een gegeven moment kon ik met ruim 3.000 gulden, een heel bedrag, over straat naar de bank, die gelukkig vlakbij was.

Helaas zijn er ook vervelende herinneringen. In de derde klas van de middelbare school overleed een klasgenote door een ongeluk en omdat mijn vader conrector van de school was, werd hij daarover gebeld. Hij wist niet dat ik bij haar in de klas zat en riep het bericht dus duidelijk richting mijn moeder. Dan staat je hart wel even stil. Ik lag voor de televisie (zo ging dat toen regelmatig) en bleef een tijd liggen zonder verder nog veel van de televisie te zien.

Maar het aantal positieve herinneringen overheerst. Aan de Rietkreek hadden Erik en ik onze kamer onder het tentdak, dus helemaal bovenin. Het was een grote kamer en vanwege het tentdak ook heel hoog. Daar las ik veel en zette bij het slapen gaan meestal muziek aan. Op de een of andere manier werd ik weer wakker als de plaat zo ongeveer afgelopen was, zodat ik de platenspeler rustig kon uitzetten.

Daar woonden we ook, toen Nederland in 1974 de finale van het WK in Duistland haalde. Natuurlijk zorgde de eerste goal, een penalty van Johan Neeskens in de eerste minuten, voor veel opwinding. Hoe we uiteindelijk het verlies hebben verwerkt, weet ik niet meer. Blijkbaar als ongewenste emotie verdrongen. En ook toen waren we al jaren fan van PEC Zwolle. Dat betekende als ze thuis speelden met vlag en andere clubuitingen naar het stadion en bij uitwedstrijden de radio aan. In die tijd was ook een herinneringswaardige wedstrijd tegen Feijenoord in Rotterdam, die uiteindelijk in 5-5 eindigde. Het ging maar op en neer en de opwinding ook in huize Appels was groot.

Mijn ouders hadden ook een kat en een hond. Die kat was de baas van het hele dierengebeuren in de buurt. Aardig was, dat mijn  ouders op een gegeven moment met de kat als mannetje naar de dierenarts gingen, maar met dezelfde kat als vrouwtje terugkwamen. Een vergissing die wat hilariteit opriep.

Onze buurman aan de Rietkreek was directeur van de voorganger van de ROVA. Maar niet altijd gedroeg hij zich als een intelligent persoon. Tijdens een jaarwisseling waren wij wat vuurwerk aan het afsteken, toen hij, zelf een fanatiek vuurwerker, een rotje in onze bak met vuurwerk gooide. Hij lette duidelijk helemaal niet op, waar het allemaal terecht kwam. Ik dacht niet na, maar gaf een flinke schop tegen onze bak aan, waardoor alles verspreid werd en er geen schade ontstond. Volgens mij wist hij zelfs toen nog niet wat er gebeurd was.

En zo is er nog veel meer te vertellen, positief en een enkele keer negatief. Allemaal zaken, die nu bij mij boven komen na het lezen van die geschiedenis. Ook denk ik, dat er meer mee te doen moet zijn. Bij het HCO hebben ze vast veel beelden over niet alleen de Aa-landen, maar over de meeste wijken van Zwolle. Het zou mogelijk moeten zijn om er televisiereportages mee te maken. Ik ga daar eens over praten bij RTV ZOo. Eens kijken of meer mensen er zo over denken.

Gepubliceerd 16-10-2015

Ik ben inmiddels 62 jaar oud. Een kleine elf jaar geleden heb ik een herseninfarct gehad, waardoor ik niet meer kon werken. In mei 2021 kreeg ik weer een herseninfarct met als gevolg dat mijn conditie flink achteruit is gegaan en mijn rechterbeen niet meer echt lange afstanden kan afleggen. Ik ben nog wel actief, met name bij de lokale omroep in Zwolle. Mijn hobby's zijn sport kijken (voetbal (PEC Zwolle), Amerikaans honkbal en Football (Seattle Mariners en Seattle Seahawks)), Karl May, de computer (vooral met de website bezig zijn), Zwolle en alles wat te maken heeft met Disney.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in